Waar je koffie drinkt, zegt iets over wat je die dag komt doen. Snel op weg naar de trein, een uur werken met een laptop, of een middag met iemand praten. In Zwolle is de binnenstad zo compact dat je voor alle drie binnen vijf minuten lopen een plek vindt.
Op de pleinen
De Grote Markt en het Grote Kerkplein zijn de plekken waar je zit om de stad voorbij te zien komen. Terrassen in de zon, uitzicht op de kerk en het stadhuis, en op vrijdag en zaterdag de markt ernaast. Voor een kop koffie tussen twee dingen door is dat de logische keuze.
In de zijstraten
Rond de Sassenstraat, de Luttekestraat en de Oude Vismarkt zitten kleinere zaken waar het rustiger is en waar de koffie doorgaans beter is. Dat zijn de plekken waar mensen uit de stad zitten in plaats van bezoekers, en waar je een gesprek kunt voeren zonder te schreeuwen.
In de kerk
De brasserie onder de boekenkasten in de Broerenkerk is de plek voor een lange koffie. Hoog, licht en stil genoeg om te lezen, en met genoeg om je heen om niet te vervelen. Op een regenachtige ochtend zit het er vol met mensen die precies dat komen doen.
Werken met een laptop
- Kies een zaak in een zijstraat, want op de pleinen is het geluidsniveau te hoog.
- Ga voor tien uur of na twee uur, want daartussen zijn de tafels nodig voor lunch.
- Vraag naar het stopcontact voordat je gaat zitten, want die zijn er niet overal.
- Bestel iets meer dan een kop koffie als je er langer blijft.
De bonen zelf
Naast zaken waar je koffie drinkt, zijn er in Zwolle speciaalzaken waar je bonen koopt en waar iemand je uitlegt waarom een boon smaakt zoals hij smaakt. Voor wie thuis serieus koffie zet, is dat het verschil tussen een goede en een middelmatige kop. Vraag om advies en zeg met welk apparaat je zet, want dat bepaalt de branding die je nodig hebt.
Bij de markt
Op vrijdag en zaterdag is een kop koffie op een terras aan de markt een van de betere dingen die je in deze stad kunt doen. Je zit met een kaas- of viskraam op tien meter, de kerk in beeld en de hele stad die langsloopt. Ga vroeg, want vanaf een uur of tien is het vol.
Buiten het centrum
In de wijken en in de dorpen binnen de gemeente zitten buurtzaken en horeca bij de winkelcentra, en aan de rand van de stad zijn er plekken bij de plassen en langs de fietsroutes. Voor wie een rondje fietst door het Vechtdal of langs de IJssel, is een stop onderweg meestal prettiger en rustiger dan terugkomen naar de binnenstad.
Het zoete erbij
Vraag bij de koffie om iets uit de stad zelf. Een Zwolse Blauwvinger, het langwerpige koekje met de bruine vlek dat naar het blauwvingerverhaal verwijst, of een blik balletjes van het adres aan het Grote Kerkplein. Beide zijn producten die je vrijwel alleen hier tegenkomt, en dat maakt een gewone kop koffie ineens iets typisch Zwols.
Ontmoeten in de stad
Omdat de binnenstad zo compact is, is koffie drinken in Zwolle de standaardmanier om af te spreken. Van het station naar de Grote Markt is een kwartier lopen, en vanaf elke wijk fiets je er binnen een kwartier heen. Dat maakt een korte afspraak praktisch haalbaar op een manier die in een grotere stad niet werkt, en dat is een van die dingen die het wonen hier prettig maken.
Het seizoen
In het voorjaar en de zomer zit iedereen buiten en zijn de pleinen het middelpunt. In het najaar en de winter verschuift het naar binnen, met verwarmde terrassen als tussenvorm. December is de drukste maand, want dan combineren mensen winkelen met een pauze. Januari en februari zijn juist de rustigste maanden, en dan heb je in vrijwel elke zaak een tafel bij het raam.


