Zwolle als Hanzestad, de geschiedenis in het straatbeeld

Uit in Zwolle

Zwolle is geen stad die zijn geschiedenis in een museum heeft gestopt. Ze staat gewoon op straat, in de vorm van een gracht met een stervorm, een stadspoort, twee grote kerken en een reeks pakhuizen aan het water. Wie weet waar hij op moet letten, leest de opkomst van een handelsstad zo van de gevels af.

Stadsrechten in 1230

Op 31 augustus 1230 kreeg Zwolle stadsrechten van de bisschop van Utrecht. Dat betekende het recht om een muur te bouwen, markt te houden en eigen recht te spreken, en het was het startsein voor de groei die daarna volgde. De stad lag gunstig, op hoger gelegen grond tussen de IJssel en de Vecht, met het Zwarte Water als verbinding naar de Zuiderzee.

Rijk worden van water

De welvaart kwam van de handel over water. Goederen gingen via het Zwarte Water en de IJssel naar en van de Oostzee en naar het achterland, en Zwolle sloot zich aan bij het netwerk van handelssteden dat als de Hanze bekend zou worden. Kampen, Deventer, Hasselt en Hattem lagen in hetzelfde systeem, en de rivaliteit tussen die steden is nog altijd voelbaar in de verhalen die erover worden verteld.

Waar je het rijke Zwolle ziet

  • De Sassenpoort, gebouwd rond 1400, de enige overgebleven stadspoort.
  • De Grote of Sint-Michaelskerk, met een toren die ooit hoger was dan de Domtoren.
  • De Onze-Lieve-Vrouwebasiliek met de Peperbus.
  • De Broerenkerk, gebouwd bij een dominicanenklooster.
  • De pakhuizen aan de Thorbeckegracht, waar de handel binnenkwam.
  • De Schepenzaal in het stadhuis, waar recht werd gesproken.

De brand van 1324

Een groot deel van de stad ging in het begin van de veertiende eeuw in vlammen op. Bij de wederopbouw werd het westelijke deel van de binnenstad regelmatiger aangelegd dan het oudere oostelijke deel. Dat verschil in stratenpatroon is er nog steeds, en het is een van de leukste dingen om op te letten tijdens een wandeling. Rechte straten aan de ene kant, kronkelige aan de andere.

De Moderne Devotie

Zwolle en omgeving speelden een rol in de Moderne Devotie, de laatmiddeleeuwse beweging die de nadruk legde op een sober en persoonlijk geloofsleven. In de kloosters op de Agnietenberg bij de stad en in Windesheim ten zuiden ervan werd gewerkt en geschreven, en er werden boeken vervaardigd die tot ver buiten de regio bekend werden. Voor een stad die vooral van handel leefde, was dat een opmerkelijke tweede identiteit.

De vesting

Toen de Tachtigjarige Oorlog om een zwaardere verdediging vroeg, kreeg Zwolle een gordel van wallen en bastions die in het begin van de zeventiende eeuw grotendeels klaar was. De wallen zijn later grotendeels verdwenen, maar de gracht met de stervorm is gebleven. In de negentiende eeuw werden de restanten omgevormd tot wandelparken, waardoor je nu over een verdedigingswerk wandelt zonder dat het opvalt.

De Blauwvingers

Bij de rivaliteit met Kampen hoort het verhaal waaraan de Zwollenaren hun bijnaam danken. Zwolle zou zijn klokken aan Kampen hebben verkocht, waarna de Kampenaren het bedrag in koperen munten betaalden en ter plekke lieten tellen. Van al dat koper kregen de tellers blauwe vingers. Historisch klopt er weinig van, maar de naam is blijven hangen, tot aan de zomermarkt en de bijnaam van de voetbalclub toe.

Zelf kijken

Loop een keer met een oude plattegrond door de binnenstad en leg de kaart naast wat je ziet. De poort, de gracht, de kerken, de pakhuizen en het verschil in stratenpatroon liggen er allemaal nog. Er zijn weinig Nederlandse steden waar zeven eeuwen zo overzichtelijk bij elkaar staan binnen een gebied dat je in een halfuur rondloopt.

De andere Hanzesteden

Zwolle staat niet op zichzelf. Langs de IJssel liggen Kampen, Hattem, Deventer, Zutphen en Doesburg, en aan het Zwarte Water ligt Hasselt. Ze delen een geschiedenis van handel over water en ze hebben allemaal een historische kern die daaruit voortkomt. Een dag in Kampen of Hattem is vanuit Zwolle met de trein of de fiets goed te doen, en het is de snelste manier om te begrijpen wat deze steden gemeen hebben en waarin ze verschillen.

De stad in de negentiende eeuw

Na de bloeitijd volgde een lange periode waarin Zwolle vooral een provinciestad was. De vestingwerken verloren hun functie en werden omgevormd tot wandelparken, het spoor kwam in de tweede helft van de negentiende eeuw en de stad groeide langzaam buiten de gracht. Wijken als de Veerallee en de eerste delen van Assendorp dateren uit die tijd, en die zijn aan het straatbeeld goed te herkennen.