Wandelevenementen in en rond Zwolle

Sport

Wandelen is in Nederland de grootste sport die niemand een sport noemt, en rond Zwolle wordt er veel gewandeld. Dat komt door het landschap, want tussen de IJssel, de Vecht en het Sallandse coulisselandschap heb je binnen een kwartier vanaf de stadsrand vier verschillende soorten omgeving.

Wat er zoal is

  • Avondvierdaagsen in de stad en in de dorpen, in het late voorjaar.
  • Georganiseerde tochten over verschillende afstanden, van tien tot veertig kilometer.
  • Themawandelingen door de binnenstad, langs monumenten en de vestingwerken.
  • Nachtelijke tochten en tochten in de winter.
  • Sponsorlopen en wandelingen voor het goede doel.

De avondvierdaagse

Voor veel Zwolse kinderen is de avondvierdaagse de eerste kennismaking met langer lopen. Vier avonden achter elkaar vijf of tien kilometer door de eigen wijk en het buitengebied, met aan het eind een medaille en een intocht. Het is een van de weinige evenementen waarbij hele straten meelopen, en voor een wijk werkt dat beter dan welke buurtactiviteit dan ook.

Langere afstanden

Voor wie meer wil, worden er in de regio tochten georganiseerd over dertig, veertig kilometer en verder. Het landschap rond Zwolle is daar geschikt voor, want het is vlak, de paden zijn goed en er is genoeg afwisseling om het interessant te houden. Wie op een lange tocht wil, begint met een paar tochten van vijftien en twintig kilometer en bouwt op.

Zelf een route lopen

Het wandelknooppuntennetwerk dekt de hele regio, en daarmee stel je zelf een route samen. Vanuit Zwolle liggen de mooiste richtingen aan de zuidwestkant langs de IJssel, aan de noordoostkant langs de Vecht en naar het zuiden richting Windesheim en het Sallandse landschap. Met station Zwolle als knooppunt kun je bovendien een lineaire wandeling doen en met de trein terug.

Voorbereiding

Het belangrijkste is schoeisel dat is ingelopen. Nieuwe schoenen op een tocht van dertig kilometer is de klassieke fout en de zekerste manier om blaren te krijgen. Loop de weken ervoor een paar keer een langere afstand in dezelfde schoenen en dezelfde sokken die je op de dag zelf gebruikt. Neem tape mee voor de plekken waarvan je weet dat ze gaan opspelen.

Wat je meeneemt

  • Water, en meer dan je denkt nodig te hebben.
  • Iets te eten dat je onderweg makkelijk wegkrijgt.
  • Een regenjas, want het weer in het rivierengebied slaat snel om.
  • Tape of blarenpleisters en een klein EHBO-setje.
  • Een opgeladen telefoon en een powerbank op langere tochten.

In de winter

Wandelen in de winter is in dit gebied de moeite waard, want bij hoog water zijn de uiterwaarden van de IJssel indrukwekkend en zijn de paden leeg. Let wel op ondergelopen paden en op modder, en houd er rekening mee dat het om vier uur al schemert. Neem een lampje mee als je aan het eind van de middag begint.

Waarom het bij Zwolle past

Deze stad ligt tussen twee rivieren en heeft een binnenstad die je in een halfuur rondloopt. Wandelen is daarmee de meest voor de hand liggende manier om zowel de stad als het gebied eromheen te leren kennen. Wie een keer een tocht van dertig kilometer heeft gelopen vanaf zijn eigen voordeur, kijkt daarna anders naar de kaart van zijn omgeving.

Trainen voor een lange tocht

Een tocht van veertig kilometer loop je niet zonder voorbereiding. Bouw op met een langere wandeling per week, en zorg dat je een keer minstens driekwart van de afstand hebt gelopen voordat je aan de start staat. Loop die trainingen met dezelfde schoenen, dezelfde sokken en dezelfde rugzak als op de dag zelf. Wat op vijftien kilometer niet schuurt, kan op vijfendertig kilometer alsnog een probleem worden.

Onderweg volhouden

Eet en drink voordat je honger of dorst hebt, en neem elke tien kilometer een korte pauze in plaats van een lange halverwege. Plak een hotspot af zodra je hem voelt en niet als er al een blaar zit. En loop in een tempo waarin je nog kunt praten, want wie de eerste tien kilometer te hard gaat, betaalt dat in de laatste tien met rente terug.