Zwolle heeft in vrijwel elke wijk sportvoorzieningen, en dat is voor een stad van deze omvang niet vanzelfsprekend. Sportparken met velden, sporthallen, gymzalen bij scholen en buitenvoorzieningen in de wijken, samen goed voor een aanbod waarin vrijwel elke sport ergens terechtkan.
Wat er is
- Sportparken met voetbal-, hockey- en korfbalvelden, verspreid over de stadsdelen.
- Sporthallen voor zaalsport, van basketbal en volleybal tot badminton en zaalvoetbal.
- Zwembaden in de stad en in Stadshagen.
- Gymzalen bij scholen, die buiten schooltijd door verenigingen worden gebruikt.
- Buitenvoorzieningen in de wijken, met trapveldjes, basketbalpalen en fitplekken.
Waar ze liggen
De grootste concentraties sportvelden liggen aan de randen van de stad, waar ruimte is. Zwolle-Zuid, de kant van Berkum en de oostkant van de stad, Westenholte en Stadshagen hebben elk hun eigen accommodaties. Voor bewoners betekent dat dat je zelden verder dan een kwartier fietsen van een veld of een hal woont.
Een zaal of veld huren
De gemeente verhuurt sporthallen, gymzalen en velden aan verenigingen, aan bedrijven en aan particulieren. Wil je met een groep vrienden wekelijks zaalvoetballen of badmintonnen, dan is dat de route. Verenigingen hebben voorrang bij de indeling van de zaaluren, dus voor een vaste avond moet je vroeg in het jaar aanvragen.
Zonder lidmaatschap sporten
Niet iedereen wil bij een club. In de wijken staan trapveldjes, basketbalpalen, calisthenics-toestellen en pumptracks, en die zijn vrij toegankelijk. Ook de parken en de dijken zijn gratis, en voor hardlopen, fietsen en wandelen heb je verder niets nodig. In Park de Wezenlanden en langs de singels zie je daar dagelijks mensen gebruik van maken.
Sport in de dorpen
De kernen binnen de gemeente, zoals Wijthmen, Windesheim en Berkum, hebben hun eigen accommodaties met een verenigingsleven dat vaak generaties teruggaat. Die clubs zijn kleiner maar niet minder actief, en voor wie in die kernen woont is de club het middelpunt van de week. Voor stadsbewoners die iets rustigers zoeken, is het ook een optie.
Vrijwilligers houden het draaiend
De accommodaties zijn van de gemeente of van de verenigingen, maar het werk wordt grotendeels gedaan door mensen die daar niets voor krijgen. Kantines, veldonderhoud, scheidsrechters, jeugdbegeleiding en het bestuur. Wie lid wordt of een kind aanmeldt, wordt vroeg of laat gevraagd om iets te doen, en dat is de manier waarop het systeem overeind blijft.
Toegankelijkheid
Verschillende Zwolse verenigingen hebben aanbod voor sporters met een beperking, van aangepast voetbal tot zwemmen en zaalsport. Het aanbod verandert en het staat niet altijd prominent op een website, dus bel of mail een club als je zoekt. De gemeente heeft daarnaast een aanspreekpunt voor aangepast sporten dat kan meedenken.
Kosten en regelingen
Contributie verschilt per sport en per club, met zaalsport en hockey doorgaans duurder dan voetbal. Is dat een probleem, dan bestaan er fondsen en gemeentelijke regelingen die de contributie en soms ook de spullen vergoeden voor kinderen uit gezinnen met een laag inkomen. Vraag ernaar bij de club of bij het sociaal wijkteam, want daar is het voor bedoeld.
Wat de gemeente doet
De gemeente is eigenaar van een groot deel van de accommodaties en verhuurt ze aan verenigingen, waarbij er beleid is over tarieven, over onderhoud en over de verdeling van de uren. Dat beleid wordt door de gemeenteraad vastgesteld en is openbaar. Voor verenigingen die vinden dat ze te weinig ruimte krijgen, is dat het gremium waar de discussie hoort, en niet de beheerder van de zaal.
Nieuwe voorzieningen in groeiwijken
In een stad die groeit, lopen sportvoorzieningen vaak achter op het aantal inwoners. In Stadshagen is dat de afgelopen jaren duidelijk zichtbaar geweest, met verenigingen die sneller groeiden dan de velden. Voor bewoners betekent dat wachtlijsten bij populaire clubs en trainingstijden die niet ideaal zijn. Meld je daarom vroeg aan, en kijk ook naar clubs net buiten je eigen wijk, want daar is vaak wel plek.
De gemeente werkt met partners aan beweegprogramma’s voor mensen die niet vanzelf gaan sporten, van ouderen tot mensen met een chronische aandoening. Huisartsen kunnen daarnaar verwijzen. Dat aanbod is goedkoop of gratis en het is er precies voor de mensen die zichzelf niet als sporter zien. Vraag het na bij de huisarts of bij het sociaal wijkteam in je wijk.


