Zwolle heeft een stadhuis dat uit twee tijdperken tegelijk bestaat. Aan het Grote Kerkplein staat een middeleeuwse kern met een van de mooiste zalen van de stad, en daar vast tegenaan een vleugel uit de jaren zeventig die daar destijds veel discussie over opleverde. Samen vormen ze de plek waar Zwolle wordt bestuurd.
De Schepenzaal
Het oudste deel bevat de Schepenzaal, de zaal waar eeuwenlang recht werd gesproken en de stad werd bestuurd. Het is een ruimte met houten betimmering en een sfeer die je in een modern gemeentehuis nergens vindt, en ze wordt nog steeds gebruikt voor plechtigheden, ontvangsten en huwelijken. Voor stellen die in Zwolle trouwen is dit de meest gevraagde locatie van de stad.
De nieuwe vleugel
De uitbreiding aan de kant van de Sassenstraat kwam in de jaren zeventig tot stand, nadat eerdere plannen op verzet stuitten omdat er te veel oude panden voor zouden verdwijnen. Het resultaat is een gebouw dat duidelijk van zijn tijd is en dat, of je het nu mooi vindt of niet, hoort bij het verhaal van hoe Zwolle met zijn binnenstad is omgegaan.
Waar de raad vergadert
De gemeenteraad vergadert in het stadhuis en die vergaderingen zijn openbaar. Je kunt op de publieke tribune gaan zitten en meestal wordt er ook een uitzending gemaakt die je later kunt terugkijken. Voor wie een onderwerp in de eigen wijk volgt, van een bouwplan tot het groenbeheer, is dat de meest directe manier om te horen wat er speelt.
Wat je er niet regelt
Dit is het punt waar bezoekers op stuklopen. De publieksbalies van de gemeente zitten niet in het historische stadhuis maar in het stadskantoor, in de kantorenwijk Hanzeland vlak bij het station. Daar vraag je je paspoort, je identiteitskaart en je rijbewijs aan en meld je je verhuizing. Kijk dus altijd in je afspraakbevestiging welke locatie erin staat.
Waarvoor je wel naar het stadhuis gaat
- Een huwelijk of een partnerschapsregistratie in de Schepenzaal.
- Een raadsvergadering of een informatieronde bijwonen.
- Een ontvangst, een huldiging of een onderscheiding.
- Een rondleiding of een open monumentendag, als het gebouw open is.
Het Grote Kerkplein
Het plein waaraan het stadhuis staat, is een van de oudste plekken van de stad. Hier stond ooit de begraafplaats voor de gewone Zwollenaren, terwijl de gegoede burgers in de kerk zelf werden begraven. Aan hetzelfde plein vind je de Grote of Sint-Michaelskerk, tegenwoordig in gebruik als Academiehuis, en het Zwolse Balletjeshuis waar de balletjes nog in de kelder worden gestoken.
Er komen
Het Grote Kerkplein ligt midden in de binnenstad en is autovrij. Met de fiets sta je er zo, met de auto parkeer je in een van de garages rond de gracht en loop je het laatste stuk. Vanaf station Zwolle is het ongeveer een kwartier lopen, dwars door het mooiste deel van de stad langs de Sassenpoort en de Sassenstraat.
Een gebouw dat blijft veranderen
Zwolle heeft zijn bestuurlijke functies in de loop van de jaren over meerdere gebouwen verdeeld, met het stadhuis als ceremonieel en politiek hart en het stadskantoor als werkplek voor het merendeel van de ambtenaren. Dat is in veel Nederlandse steden zo gelopen. Het voordeel is dat de historische zalen niet zijn opgeofferd aan kantoorruimte en dat je er als inwoner nog steeds binnen kunt komen.
Het gebouw van binnen
De Schepenzaal is de ruimte waar het gebouw zijn karakter aan ontleent, met houten betimmering en een sfeer die je in een modern gemeentehuis nergens vindt. Voor wie er niet trouwt of vergadert, is een open monumentendag of een rondleiding de manier om er binnen te komen. Het gebouw heeft de status van rijksmonument, en dat betekent dat aanpassingen aan de binnen- en buitenkant gebonden zijn aan regels die verder gaan dan bij een gewoon kantoor.
Het stadskantoor bij het station
Aan het einde van de twintigste eeuw bleek het stadhuis te klein voor de organisatie, en verhuisde een groot deel van de ambtenaren naar een gemeentekantoor aan het Lubeckplein in Hanzeland, vlak bij station Zwolle. Daar zitten de publieksbalies en het merendeel van de werkplekken. Voor bezoekers is dat handig, want je stapt uit de trein en staat er binnen vijf minuten. Voor de binnenstad is het voordeel dat de historische zalen niet zijn opgeofferd aan kantoorruimte.


